Existentialisme: wakker worden als individu

Basis informatie cursus 

Existentialisme: wakker worden als individu

Vrije Hogeschool, 2018

8 uur per week, zeven weken lang.

‘Een maal alles, slechts een maal’ dicht Rilke in zijn negende Elegie uit De Elegieën van Duino. Dit is het begin van Rilke’s existentiële reflectie op het ‘hier’ zijn en de vraag wat hij met zijn leven aan moet. Hij beseft zich dat alles eindig is, alles stopt, alles is maar één keer. Het stellen van deze existentiële vraag is zijn begin van de zoektocht naar een authentiek leven. Deze twijfel waar vanuit hij zijn zoektocht begint is typisch existentieel, omdat deze twijfel niet naar voren zou zijn gekomen, als Nietzsche God niet dood had verklaard.

Deze dood van God betekende het verdwijnen van de grond van het bestaan, wat aan elk mens, instituut en staat meer dan 2000 jaar zijn geborgenheid had gegeven. Deze existentiële zekerheid, waar de schoolmeester, burgervaders of, in het gezin, de eigen ouders het boegbeeld van waren, en vanuit deze zekerheid altijd een antwoord klaar hadden voor de dilemma’s van de opgroeiende mens, is nu voorbij.

Existentiële onzekerheid is het gevolg, in zo’n mate dat Nietzsche zich afvroeg:

‘Vallen we niet voortdurend om, rugwaarts, zijdelings, voorover, naar alle zijden? Bestaat er nog een boven en onder? Dwalen we niet doorheen een oneindig niets?’

Deze dood van God kan je vergelijken met het uit huis gaan, meestal na de middelbare school. Opeens woon je alleen en merk je naast de geweldige vrijheid die dit je geeft plotseling op dat er geen ouders meer zijn die de was doen, ontbijt klaarzetten of de tandartsafspraak maken. Deze vrijheid kan je doen duizelen en terug laten verlangen naar de veilige haven. Of je juist in euforie volledig in de gewonnen vrijheid laten storten om een eigen, authentiek leven op te bouwen. Het is deze stemming van angst voor het niets, de grondeloosheid en tegelijkertijd de opwinding en de mogelijkheden van een authentiek leven die karakteristiek zijn voor het existentialisme.

Daarom gaan we vanuit de onderzoeksvraag: wat is mijn fundament voor een onafhankelijk en authentiek leven? in gesprek met vijf belangrijke existentialistische denkers die allemaal een persoonlijk antwoord geven op het moderne probleem: de dood van God. Deze filosofen zijn Søren Kierkegaard (1813–1885), Friedrich Nietzsche (1849–1900), Rainer Maria Rilke (1875–1926), Martin Heidegger (1889– 1979) en Jean-Paul-Sartre (1905–1980).

Net als de eerste periode op kamers, is de wereld na de dood van God geheel anders. Hierin een weg vinden gaat geleidelijk. Hiervoor is tijd nodig. De existentialistische filosofen hadden hier meer dan honderd jaar voor nodig en hun taak is nog niet volbracht. Zij hebben medezoekers nodig, net als jij hun al gedane denkwerk kan gebruiken om in je beginnende onafhankelijkheid je eigen weg en stem te vinden.

Rilke dicht aan het eind van de negende elegie: ‘Aarde, is dit niet wat je wilt: onzichtbaar in ons verrijzen – Is het niet jouw droom, eens onzichtbaar te zijn?’ Hiermee schetst Rilke de weg die hij als dichter is gegaan door het verinnerlijken van de wereld. Dit als zijn authentieke keuze voor een leven dat een maal’ is.

Wat is jouw weg naar een authentiek leven?